 |
|
Mesttoediening in het voorjaar op kleibouwland voorafgaand aan het aardappelen poten. |
Hoe kunnen boeren nog een goede opbrengst halen als ze minder fosfaat en stikstof mogen gebruiken? En hoeveel lager moeten deze zogenoemde gebruiksnormen nog worden om te voldoen aan de milieunormen? Dat achterhalen onderzoekers van Plant Research International door een combinatie van veldproeven, technologische innovatie en modelwerk.
Boeren zijn er inmiddels wel aan gewend dat ze niet onbeperkt mest mogen toedienen. Ze moeten zich houden aan normen voor het gebruik van fosfaat, stikstof en dierlijke mest. Maar met de huidige normen zijn ze er nog niet. De overheid heeft al aangekondigd dat deze gebruiksnormen nog verder omlaag om te voldoen aan de Europese Nitraatrichtlijn en de Kaderrichtlijn Water. Op langere termijn moet zo een landbouw ontstaan met veel minder uitspoeling van voedingsstoffen naar het grondwater, naar sloten, meren en rivieren, en naar de Noordzee.
De verlaging van de normen gaat stapsgewijs. Onze onderzoekers evalueren voor de overheid het effect van de normen: kunnen boeren nog een goede opbrengst halen met lagere normen? En hoeveel stikstof spoelt er nog uit bij een bepaalde norm? Ook zoeken de onderzoekers uit of de normen kunnen variëren: of ze bijvoorbeeld hoger kunnen als de gewasopbrengst hoger is.
Precisiebemesting
Tegelijkertijd zoeken de onderzoekers naar methoden om de gebruikte meststoffen zo efficiënt mogelijk te benutten, zodat emissies verder omlaag gaan maar het verlies aan opbrengst beperkt blijft. Een voorbeeld daarvan is precisiebemesting, een verzamelnaam voor een serie technieken om precies de juiste hoeveelheid meststoffen op de juist plek toe te dienen. Daarvoor worden het gewas en de bodem gedurende het seizoen continu gemonitord. Zo gaat zo min mogelijk meststof ongebruikt verloren. Deze methoden worden vooral voor stikstofbemesting gebruikt. Voor fosfaat werken onze onderzoekers aan bemesting met kleine, bij de plant geplaatste ‘startgiften’, die het gewas op gang helpen in het vroege voorjaar. Dit maakt doseringen over het hele veld overbodig, als die niet nodig zijn. Vooral op de jonge zeekleigronden en in fosfaatbehoeftige gewassen biedt deze methode een uitkomst.
Naar